Full story
Een artistieke reis
Een artistieke reis
Op mijn veertiende voelde ik pas echt dat mijn leven begon. Mijn liefde voor tekenen groeide, ik ontdekte het airbrushen en mijn reislust werd geboren. School ging me gemakkelijk af; ik voltooide de havo en startte op mijn zeventiende aan het SintLucas in Boxtel. Voor het eerst voelde ik me daar echt op mijn plek.
Mijn ouders speelden een grote rol in mijn ontwikkeling. Op mijn dertiende kreeg ik een oude paardenstal als atelier. Vier bij vier meter, goed geïsoleerd, met mijn eigen koelkastje en muziek. Het werd een plek van vrijheid en ontmoeting. Daar begon ik mijn eerste airbrushprojecten: tankklepjes, helmen, scooters. Alles werd een canvas. Mijn vrienden brachten wat ze maar konden vinden—snowboards, telefoonhoesjes. Ik gaf alles kleur.
Rond mijn vijftiende ontmoette ik Sun Bear, een Indiaanse kunstenaar. Mijn ouders hadden me ingeschreven voor een van zijn cursussen. Hij zag potentie in me, en al snel werd ik zijn leerling. In zijn atelier leerde ik over kleur, materiaal en lesgeven. Wat me vooral raakte, was hoe kunst bij hem een levenswijze was. Alles ademde creatie. Dat inspireerde me diep.
Toen ik eenmaal mijn rijbewijs had, stond ik regelmatig op motor- en auto-evenementen. In mijn eigen stand gaf ik live airbrushdemonstraties. Hoewel ik verlegen was, dwong dit me tot contact. De opdrachten volgden: helmen, muurschilderingen, kinderkamers. Soms had ik het wel gehad met Mickey Mouse, maar ik verdiende mijn geld met wat ik het liefste deed.
Op mijn negentiende reisde ik naar Portland, VS, voor een schoolopdracht. Ik verbleef bij familie en werkte met kunstenaar Raphael Schnepf, gespecialiseerd in glasbewerking. Onder zijn begeleiding maakte ik een werk over een krachtige vrouw op een motor, een eerbetoon aan de Indiaanse invloeden in mijn leven. Sun Bear had me ooit de naam Sacajawea gegeven, naar de legendarische Shoshoni-vrouw: krachtig, moedig, vol doorzettingsvermogen. Die eigenschappen probeer ik zelf ook te belichamen.
Terug in Nederland begon ik mijn eigen studio: Sacajawea. Ik airbrushte motoren en rolde de wereld van custom bikes binnen. Op het SintLucas maakte ik mijn afstudeerproject voor Mitsubishi: een motorkap die eruitzag als glas, met nagebootste knopjes en slangetjes. Het werk kreeg publiciteit en de school introduceerde zelfs airbrushlessen. Een kroon op mijn opleiding.
Toen ik zeventien was, had ik een vriendje. Een jaar later gingen we samen werken op Rhodos. Daar ontmoette ik mijn eerste echte klant. Twee jaar later belde hij me. Ik was negentien. Hij stuurde me naar Van Winkoop in Ermelo voor een airbrushopdracht. Daar ontmoette ik Marcel Timmer, bedrijfsleider. Zes jaar later werd hij mijn man.
Marcel en ik begonnen samen MWDesigns. We airbrushen showtrucks en zijn bekend in heel Europa. Kort na ons huwelijk bleek ik zwanger. In 2006 werd onze zoon Indy geboren, in 2009 onze dochter Jesse. Beide kinderen zijn net zo creatief als wij zijn.
In de jaren daarna ontwikkelde ik mezelf verder. Ik werkte in spuiterijen, leerde van anderen, experimenteerde met materialen. Naast airbrushen bleef schilderen mijn eerste liefde. Olieverf werd mijn medium. Ik leerde van meesters als Cornelis le Mair, maar zocht uiteindelijk mijn eigen stijl.
Mijn kunst werd persoonlijker. Vrouwenportretten met kracht, imperfectie en diepte. Rauw, echt, verleidelijk. Geen idealen, maar mensen. Mijn werk is een mix van klassieke techniek en moderne beeldtaal. Magisch realistisch, noem ik het graag. Een combinatie van stoer en gevoelig, net als ikzelf.
Schilderen is mijn anker. Mijn uitlaatklep. Mijn taal. Elk doek is een verhaal. Ik wil dat het raakt, kracht geeft of verzacht. Kunst is voor mij niet alleen wat ik maak, maar wie ik ben. En mijn reis is nog lang niet ten einde.

